opname update

Op weg naar een beter leven #5

Zondag kwam ik door de miscommunicatie met mijn broer behoorlijk gestrest aan in de kliniek, maar gelukkig was ik op tijd. We bespraken het weekend en daarna heb ik mijn levensverhaal afgeschreven, ’s avonds, ook al was dat niet helemaal de bedoeling.

Maandag begon de dag met veel pijn. Met psychomotorische-therapie hadden we het over non-verbale communicatie en gingen we daar ook in oefenen. Ik deed graag mee, maar ging fysiek ver over mijn grens. Regelmatig zat of lag ik op de grond, maar ik wilde niet opgeven. Niet weer iets moeten laten voor de pijn.

’s Middags in de sociotherapie uitte een groepsgenootje frustratie naar me uit, over dat ik zo vaak hulp afwijs, niet zeg waar het op staat en moeilijk dingen deel. Ik begreep haar frustratie, maar tegelijkertijd voelde ik ook meteen dat ik het niet goed deed. Terwijl ik weer in mezelf keerde en heel erg straffend werd, vond datzelfde groepsgenootje het lastig dat het zoveel met mij deed. Ik probeerde woorden te zoeken om uit te leggen wat er precies gebeurde, dat dit niet per se aan haar lag. Dat zij mijn frustraties ook liet uiten. Het lukte me alleen niet. De woorden waren zoek en ik kon alleen maar uitspreken dat het niet aan haar lag.

Na de therapie stortte ik letterlijk in. Ik kreeg een tril- en pijnaanval en toen ik opstond viel ik op de grond. Huilend zat ik daar alleen in de therapieruimte (omdat de sociotherapeuten me even de ruimte gaven). Boos op dit stomme idiote lichaam, op mezelf dat ik het weer zover had laten komen. De sociotherapeuten kwamen terug en probeerden me hulp aan te bieden met opstaan en lopen. Ik hield het af omdat ik geen hulp verdiende, omdat ik het zelf moest doen. Uiteindelijk besloot één van hen op mijn tempo met mij mee te lopen terwijl ik met een been slepend en muren vasthoudend naar mijn kamer liep. Ik was boos, niet op mijn groepsgenootjes, maar op mezelf. En dus pakte ik mijn spullen in. Ik mocht hier niet zijn, ik was een slecht mens. Maar ik eindigde huilend in bed, mijn lichaam kon niet meer.

Die nacht schreef ik mijn reactie op de confrontatie van die dag. Ik wilde er graag op terugkomen, maar ik wist dat ik het niet kon als ik het uit mijn hoofd deed. Vijf volle pagina’s schreef ik in mijn notitieboekje. De volgende dag deelde ik het in de groep en konden we het er over hebben. Daarna vertelde ik ook dat ik het een moeilijke dag vond, immers was ik officieel 7 jaar ziek. We konden het erover hebben en ook ik sprak mijn frustraties uit over dat ik het vervelend vond dat het me allemaal niet lukte. Het ijs was gebroken en ik was enorm opgelucht. ’s Avonds kreeg ik nog een fijne steunende mail van mijn oude psycholoog en leidinggevende. Iets wat me enorm veel kracht gaf om door te gaan en dat maakte de moeilijke ‘mijlpaaldag’ toch iets dragelijker.

Woensdag oefende ik in de oefengroep een rollenspel om mijn grenzen aan te geven. De eerste keer kwam ik erg onzeker over maar na wat tips van de groep oefende ik het opnieuw en was ik duidelijk hoorbaar. Mijn grens werd gehoord door mijn tegenspeler en daar keek ik met een goed gevoel op terug. In de middag had ik een gesprek met mijn behandelaar over mijn levensverhaal en probleemsamenhang. Ze reageerde met dat ik mijn levensverhaal erg praktisch had geschreven zonder gevoel, iets wat ik erg herkende van mezelf. Toch ging ze akkoord en kon ik opgelucht ademhalen, waarna we een fijne afspraak hadden.

Aan het einde van de middag had ik afgesproken met mijn beste vriendin om uiteten te gaan. We liepen zoekend naar een restaurant de stad af en kwamen uit bij La Cubanita. Ik had het erg naar mijn zin en had een fijne avond. In de bus terug besefte ik wel ineens dat ik zo graag ook had willen studeren, maar besefte ook dat dat voor nu gewoon niet haalbaar is.

Donderdag sprak ik uit dat ik een overleden vriendin erg mis en het er moeilijk mee heb omdat ze volgende week één jaar geleden de wereld verliet. Ik schreef een g-schema (gebeurtenis, gedachtes, gevoelens, gedrag, gevolg) op papier en deelde deze in de groep. Dat was erg verhelderend en gelukkig kwam in dat schema ook mijn gezonde kant naar voren. De groep was begripvol en we bedachten dingen die fijn konden zijn op die dag.

Vrijdag bespraken we het weekend en ik voelde me eigenlijk best wel goed. Ik had nauwelijks plannen voor het weekend, maar had vooral de behoefte om uit te rusten. Ik had zin in het weekend en zo snel was de week alweer voorbij gevlogen. Ik had die avond nog een surprise-party waar ik erg heb genoten. Zaterdag sliep ik flink uit en ben ik nog even naar de stad geweest voor sinterklaascadeautjes voor de kliniek, mijn moeder en ik namen tompoucen mee en aten die thuis op. Ik keek expeditie robinson terug en we speelden monopoly. Een relaxte dag.

Ook zondag deed ik rustig aan. Ik schreef wat, ik maakte muziek en genoot van het weekend. Ik had nog zoveel willen doen, maar daar was helaas geen tijd meer voor. Het weekend had wel iets langer mogen duren, maar ik heb ook zin om de lijn van afgelopen week weer voort te zetten in de kliniek. Want, langzaam maak ik al kleine veranderingen in mijn gedrag. En dat geeft hoop. Hoop op een mooie toekomst, op verandering. En dat is waar ik het allemaal voor doe!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *